NL | EN

Vernieuwde ontwerpen planisferen


Nieuwbouw en nieuwe ontwerpen

Afgelopen september merkte ik dat de voorraad van de Planisfeer voor Nederland en België (de vierkante PLN-NL) wel erg laag begon te worden. In zo’n geval kijk altijd even naar de voorraad van andere versies, ook omdat de stuksprijs van planisferen lager wordt naarmate de totale oplage groter is. Dat is ook weer een goede gelegenheid om klanten en ‘prospects’ (mogelijke klanten) een offerte te doen. Op 13 oktober stuurde ik een berichtje naar Dome-L, een forum voor ‘planetarians’ (mensen die in een planetarium werken), en een e-mailing naar alle planetaria in mijn bestand (enkele duizenden adressen…). Dat leverde vijf geïnteresseerden op, waarvan twee later afvielen en een niets meer van zich heeft laten horen. De twee nieuwe klanten zijn het Fernbank Science Center in Atlanta (1000 stuks) en het Ritter Planetarium in Toledo (Ohio, 250 stuks), beide dus in de VS. Het mooie daarvan is dat het de eerste klanten in de VS zijn sinds we in 2005 en 2006 aan WalMart grote aantallen leverden! Zie ook de foto's van deze twee nieuwe planisferen onderaan.
Naast de twee maatwerkorders heb ik vier eigen uitgaven in de planning staan: de vakantieplanisferen voor Zuid-Europa (PLN-40NL) en Noord-Europa (60NL), en de Engelse planisferen voor 50° NB (PLN-50) en 40° ZB (PLN-S40). Omdat sommige versies minder snel verkopen dan andere, én om nieuwe klanten over de streep te trekken, had ik aantallen van 250 stuks in de planning opgenomen. Het minimum aantal was eigenlijk altijd 500 stuks, maar door van enkele typen 250 stuks te laten maken kon ik die optie ook aan klanten aanbieden. (Het is er maar een voor dat aantal geworden, zodat ik de PLN-50 eraan heb toegevoegd. Het idee achter die aantallen is dat delen van de planisferen per twee tegelijk worden gedrukt en daardoor goedkoper worden als je twee versies in zo’n drukgang combineert.)


Nieuwe sterrenkaarten

De Superplanisfeer, die in juni uitkwam, bevat wat nieuwe features, zoals het intensiever gebruik van kleuren (de Superplanisfeer én de PLN-NL hebben een sterrenkaart in fullcolour) en een uitbreiding van het aantal interessante (verrekijker-) objecten. Verder worden in de grote planisfeer naast de Zomerdriehoek ook de Winterzeshoek en het Herfstvierkant aangegeven.
De sterrenkaart van de nieuwe PLN-NL wilde ik op dezelfde manier opzetten. En ook wilde ik de Melkweg wat waziger maken, op advies van Wil Tirion. Dat is een kwestie van iets moediger gebruik van de optie ‘blur’ van Illustrator… Daarentegen heb ik niet bepaalde sterklassen van een kleur voorzien (de ‘rode, oranje en blauwe sterren’), omdat de stersymbolen van de gewone planisferen daarvoor te klein zijn, maar ook omdat die kleuren zouden moeten worden uitgelegd en daarvoor is geen ruimte. Half oktober ging ik aan de slag met het nieuwe ontwerp van de PLN-NL.


Meer objecten

Onder de aanvullingen zijn zestien objecten waarvan ik de meeste al had toegevoegd aan het ontwerp van de Superplanisfeer, veelal op advies van de amateurastronomen (waarnemers) die ik had gevraagd om mee te denken. Daar zaten al enkele sterren tussen die mijn interesse hadden gewekt vanwege mijn Sterrenmodel: VY Canis Majoris (Grote Hond), V Hydrae (Waterslang), Eta Carinae (Kiel) en R Leporis (Haas). Het gaat verder om de open sterrenhoop Cr 399 (‘Brocchi’s Cluster’, in het sterrenbeeld Vosje); de bolvormige sterrenhopen M72 (Waterman), NGC 6322 (Schorpioen) en Melotte 111 (de Coma Cluster in het Haar van Berenice); de planetaire nevels M76 (Perseus) en M97 (Grote Beer); de sterrenstelsels M102 (Draak), M108 en M109 (beide Grote Beer); het stervormingsgebied NGC 896 (Heart and Soul Nebula, in Cassiopeia); en vier ‘bijzondere objecten’, aangegeven met een sterachtig symbool: M40 (een dubbelster), M73 (een ‘asterisme’ van vier sterren*), de veranderlijke ster Y Canum Venaticorum (Jachthonden) en de ster 51 Pegasi (Pegasus), de eerste zonachtige ster waarbij een exoplaneet werd ontdekt. De sterren in dat laatste rijtje hebben niet hun normale symbolen omdat ze eigenlijk te zwak zijn voor de verrekijker.
Van enkele sterrenbeelden heb ik de sterrenbeeldlijnen gewijzigd, zodat ze overeenkomen met wat je in andere sterrenkaarten en atlassen ziet.
*) een asterisme is een groepje sterren die aan de hemel dicht bij elkaar liggen maar niets met elkaar te maken hebben. Eigenlijk is er in het Nederlands geen woord voor… Ik heb het vernederlandst door er een ‘e’ achter te plakken.


Beter leesbaar

Nu ik zelf ouder word merk ik ook dat vooral de objectcodes in de planisferen niet altijd goed leesbaar zijn. Door een stevigere versie te gebruiken van mijn favoriete VAG-font kon ik dat opkrikken. De Griekse letters heb ik wat steviger gemaakt door er een dun lijntje omheen te zetten (daarvan is namelijk geen ‘bold’ versie). Ook de lijntjes in symbolen (met name de symbolen voor dubbelsterren en planetaire nevels) heb ik wat dikker gemaakt.


Klus

Toen het nieuwe ontwerp van de sterrenkaart van de PLN-NL klaar was (begin november), was het logisch ook de andere ontwerpen die in herdruk gaan aan te passen. Vanwege de haast begon ik een beetje verkeerd: met de afzonderlijke ontwerpen voor de PLN-40NL en 60NL. Alle ontwerpen zijn afgeleid van de ‘moederontwerpen’, twee complete sterrenkaarten (dus van de ene tot de andere hemelpool), met steeds een hemelpool in het centrum. Er is er een voor het noordelijke halfrond (met de poolster in het centrum) en een voor het zuidelijke. Die zijn beide gemaakt in 2001!
Wat laat besloot ik die moederbestanden in één keer aan te passen zodat ik de nieuwe planisferen vervolgens snel kon ontwerpen. Tijdens het werken met die twee grote bestanden kwam ik echter wat foutjes tegen, en onduidelijke zaken. Dat was elke keer weer een hele uitzoekerij. Soms ging er iets mis en was ik een tekstje of symbool kwijt - dat gaat snel in zulke ingewikkelde ontwerpen en je ziet het niet meteen. En ik kwam natuurlijk zaken tegen die ik nu, met nieuwe inzichten op het gebied van sterrenkunde en vormgeving, heel anders oploste.
Al met al was het een enorme klus, die nu (het is 26 november als ik dit schrijf) klaar lijkt te zijn. Hoewel de man die ook de Superplanisfeer grondig nakeek, Bart Metselaar, er ook nog naar kijkt. Daaruit kunnen wijzigingen voortvloeien. Kleine wijzigingen hoop ik…
De volgende stap is het tekenwerk en de teksten naar de betreffende planisfeerontwerpen te kopiëren, en in de juiste mate te verkleinen of vergroten. Dat is omdat de ontwerpbreedte (geografische breedte) bepalend is voor het deel van de sterrenhemel dat de planisfeer moet tonen. Een planisfeer voor 40° NB laat een flink stuk meer zien dan een voor 60°. Toch zijn de planisferen natuurlijk allemaal even groot. Dat betekent dat de symbolen en teksten in de PLN-40NL wat kleiner zijn dan die in de PLN-60NL. Bij planisferen voor lagere breedten is dat verschil groter, onze equatoriale planisfeer (PLN-EQR) bevat twee bijna complete sterrenkaarten!
Ik hoop begin december de bestanden van alle zeven planisferen naar de beide drukkers te kunnen sturen. Er is alleen maar meer haast nu…

Hieronder: de planisferen voor Fernbank Science Center in Atlanta (links) en het Ritter Planetarium in Toledo.